Nieuwe publicatie

Multidisciplinaire aanpak in de behandeling van kinderen met een toegenomen kyfose

In dit artikel pleit drs. E. Cornips, kinderneurochirurg in het Maastricht Universitair Medisch Centrum, voor een multidisciplinaire aanpak in de behandeling van kinderen met een toegenomen kyfose.

Wanneer we van de zijkant naar een rug kijken, loopt deze normaal gesproken nooit helemaal recht, maar vertoont twee lichte krommingen. Ter hoogte van de nek buigt de rug wat naar achteren en ter hoogte van de onderrug juist wat naar voren. Het buigen naar achteren heet kyfose, het buigen naar voren lordose. Wanneer deze bocht te groot wordt, wordt gesproken van een toegenomen kyfose of lordose. Een andere aandoening van de rug is de scoliose, waarbij de rug als het ware een ‘S’-bocht van links naar rechts maakt. Een toegenomen kyfose komt in de meeste gevallen voor samen met een scoliose (‘kyfoscoliose’). Het kan zowel aangeboren voorkomen, denk hierbij aan aanlegfoutjes in één of meerdere wervels en in het kader van bepaalde syndromen, of gedurende het leven ontstaan door bijvoorbeeld een trauma of een infectie.

Een toegenomen kyfose zal vaak behandeld moeten worden. Dit heeft meerdere redenen; zo wordt het gedaan vanuit cosmetisch oogpunt, om neurologische uitval te voorkomen en om het erger worden van de kyfose zelf te voorkomen. Het is namelijk zo dat hoe erger de kyfose wordt, hoe verder het zwaartepunt van het lichaam naar voren komt te liggen. Dit leidt ertoe dat de kyfose door het eigen lichaamsgewicht ook steeds verder toeneemt. Vooral in de groeispurt net voor de puberteit kan dit het geval zijn. Neurologische complicaties die op kunnen treden hebben te maken met het feit dat het ruggenmerg door het wervelkanaal loopt. Het ruggenmerg bestaat uit een hele dikke bundel aan zenuwen, die door een afwijkende stand van de wervels verdrukt kan worden. Dit kan leiden tot allerlei symptomen: problemen met lopen, pijn of een veranderd/doof gevoel onder het niveau van de kyfose, problemen met plassen of moeite met het ophouden van de ontlasting.

Hoewel een toegenomen kyfose bij kinderen een relatief zeldzaam ziektebeeld is, wordt er wel onderzoek naar gedaan. Het blijkt echter dat het meeste gepubliceerde onderzoek gedaan is door orthopedisch chirurgen, waardoor het lijkt (en mogelijk ook zo is) dat de kinderneurochirurgen onvoldoende betrokken worden in de behandeling. Dit artikel pleit er aan de hand van vijf verschillende patiënten casussen voor dat alle zaken voorafgaand aan de operatie, de operatie zelf en de follow-up na de behandeling plaats zouden moeten vinden in een multidisciplinair team, waarin ieder specialisme zijn eigen aandachtsgebied heeft. Zo kan de kinderneuroloog kijken naar hierboven beschreven symptomen van ruggenmergcompressie, de orthopedisch chirurg naar de hoek van de kyfose en de bewegingsbeperkingen die hieruit voortkomen en de kinderneurochirurg naar scans van het ruggenmerg om subtiele tekenen van beginnende ruggenmergschade op te sporen. Ook heeft een kinderneurochirurg vaak net wat meer ervaring met andere geassocieerde neurologische aandoeningen die bij kinderen met een toegenomen kyfose voor kunnen komen (syringomyelie, tethered cord syndroom). Tijdens de operatie zelf kan de kinderneurochirurg zich bezig houden met het veiligheid van het ruggenmerg, terwijl de orthopedisch chirurg zich zal richten op het corrigeren van de afwijkende botstructuren.

Samenvattend stelt het artikel dat een toegenomen kyfose een complexe, heterogene groep aandoeningen omvat; iedere patiënt is uniek, maar het ruggenmerg is altijd in gevaar. Door in een multidisciplinair team samen te werken kunnen onnodige operaties, re-operaties en complicaties zo veel mogelijk voorkomen worden. Hierin speelt ook de kinderneurochirurg een belangrijke rol.


Lees hieronder het abstract (Engelstalige samenvatting):

INTRODUCTION Childhood angular kyphosis is rare, as most children are affected by a mixed kyphotic and scoliotic deformity. Published series involving a mix of kyphosis and kyphoscoliosis, pediatric and adult, congenital and acquired cases are almost exclusively authored by orthopedic surgeons, suggesting that (pediatric) neurosurgeons are not involved.

CASE SERIES We present five cases that illustrate the spectrum of angular kyphosis, and these were treated by a multidisciplinary team including child neurologist, orthopedic surgeon, and pediatric neurosurgeon as complementary partners.

DISCUSSION Angular kyphosis is a cosmetic problem but above all a serious threat to the spinal cord and as such to the child’s ambulatory, sphincter, and genito-urinary functions. Spinal cord stretch over the internal kyphosis may cause pain and/or neurological deficit, often accompanied by myelomalacia or even segmental cord atrophy. Spinal cord function may be additionally affected by associated disorders such as syringomyelia or tethered cord, an orthopedic surgeon may be less familiar with. The decision when and how to proceed surgically should be made by a multidisciplinary team, including a pediatric neurosurgeon who actively participates in the operation and helps to safely achieve adequate spinal cord decompression and stabilization.

CONCLUSION Childhood angular kyphosis is a complex, heterogeneous disorder that should be managed by a multidisciplinary team in specialized pediatric spine centers. While every case is truly unique, the spinal cord is always at risk, especially during decompression, stabilization, and eventual correction of deformity. Pediatric neurosurgeons have an important role to play in preoperative work-up, actual operation, and follow-up.


Artikel link: https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/28343240


Cornips E, Koudijs S, Vles J, van Rhijn L.

Childhood angular kyphosis: a plea for involvement of the pediatric neurosurgeon

Childs Nerv Syst. 2017 Mar 25.